Twaalf uitingen van goed leiderschap volgens Harvard Business Review

21 juni 2010

Wat maakt een leidinggevende een geweldige leidinggevende? Robert I. Sutton doet hier al geruime tijd onderzoek naar en werkt momenteel aan zijn boek Good Boss, Bad Boss, dat rond de herfst uitkomt. Voor Harvard Business Review licht hij al een tipje van de sluier op, door 12 uitingen te presenteren tijdens zijn onderzoek typerend bleken voor goed leiderschap. Deze zijn door mij soms deels wat verder uitgelegd.

De uitingen:
1) Ik heb een gebrekkig en onvolledig begrip van hoe het voelt om voor mij te werken (zie ook het artikel "7 communicatiefouten die managers (kunnen) maken", waarin gesproken wordt over het negeren van de realiteit van de macht; een onderwerp dat deze overtuiging zijdelings raakt). Ik redeneer dus bij voorkeur niet vanuit mezelf als ik met en over mijn mensen praat en leg mijn mensen niet mijn perspectief op.

2) Mijn succes, en daarmee dat van mijn team, hangt grotendeels af van het beheersen van de alledaagse dingen en het voortbrengen van schijnbaar voor de hand liggende conclusies door een frisse blik te bieden, niet in allerlei mysterieuze en vage ideeën en methoden (management 'mumbo jumbo').

3) Het hebben van ambitieuze en goed omschreven en gedefinieerde doelen (denk aan SMART) is belangrijk, maar het is nutteloos om hier constant bij stil te staan. Het is mijn taak om de aandacht van mij en mijn team te richten op de kleine overwinningen die behaald zijn en die ervoor zorgen dat we elke dag wat vooruitgang boeken.

4) Eén van de belangrijkste en meest moeilijke onderdelen van mijn baan is het vinden van het delicate evenwicht tussen te assertief zijn en niet assertief genoeg zijn.

5) Het is mijn taak om mijn medewerkers te beschermen tegen externe bedreigingen, afleiding en allerlei hypes en trends die de buitenwacht ons op wil leggen.

6) Ik streef ernaar om zeker genoeg van mezelf te zijn om mijn team te laten weten dat ik de baas ben, maar nederig genoeg om te realiseren dat ik er zelf ook vaak naast zit.

7) Ik wil passie en vechtlust tonen alsof ik altijd gelijk heb en naar anderen luisteren alsof ik altijd fout zit - en mijn team hetzelfde leren.

8) Eén van de grootste beproevingen voor mijn leiderschap en mijn team is: "wat gebeurt er na dat een teamlid een fout heeft gemaakt?" (juist dan wil ik steunen, niet afbreken).

9) Innovatie is cruciaal voor elk team, dus het is mijn taak om mijn mensen aan te moedigen nieuwe ideeën te genereren en te testen, maar ook om hen te helpen de slechte ideeën af te schieten.

10) Negatieve zaken blijven langer hangen dan positieve zaken; ik wil dus eerst dat wat verkeerd is gegaan corrigeren en daarna accentueren wat juist wel goed ging.

11) Hóé ik dingen doe is net zo belangrijk als wat ik doe. Het doel heiligt dus niet altijd de middelen.

12) Omdat ik macht over anderen heb, loop ik het risico om rücksichtslos te handelen zonder het zelf door te hebben. Ik wil ervoor waken om mijn macht niet te misbruiken en blijf openstaan voor reflectie hierop door anderen.

Trefwoorden: leiderschap, team, goed leiderschap kenmerken, goed leiderschap in het onderwijs

Deel deze pagina met je volgers op social media: